Tags

, , , , , , , , , , , ,

Na wat gezwind klaviergetokkel deelde de ouwe rot van de belastingdienst mij mee dat ik vijftien euro zou terugkrijgen. 2017 bleek een vruchtbaar aanslagjaar. Ik huilde net niet van blijdschap. Als afsluiter wist hij me ook nog te vertellen dat, gezien mijn situatie ik waarschijnlijk in de toekomst niet meer zou hoeven te betalen. Ik interpreteerde dat als nooit meer. Blinden en slechtzienden: High Five!

Die toekomst was er sneller dan dat de vijftien euro op mijn rekening gestort werd. Het was niet de vertrouwde, goedgevulde, bruine envelop met doorkijkvenstertje die de brievenbus deed klepperen en je zoals ieder jaar een zucht van jewelste deed slaken, maar een witte, dunnere versie met hetzelfde effect.

Aldus lag De Federale Overheidsdienst van Financiën onder de eivormige steen uit Bali en poerde niet. Het blijft iets dreigends en dictatoriaals. Mijn wil is wet, ha! Vandaar dat ik de gesloten enveloppe dat metaforische plaatsje gaf tot ik de tijd rijp achtte om het bij de keel te grijpen, los te schudden en open te rijten. Nog een geluk dat mijn tactiek niet degeneratief is.

Na enkele dagen haalde ik vier pagina’s uit de witte envelop tevoorschijn. Ze oogden minder aantrekkelijk dan een konijn. Ik ging er snel doorheen, want het lettertype was mij niet genegen. “Louter informatief en papierverspilling” maakte ik mezelf eventjes wijs.

Het onderbewustzijn prikkelde gelukkig mijn nieuwsgierigheid en de grijze cellen. Het blind vertrouwen in de belastingman met zijn rooskleurige toekomstvoorspelling begon ik in vraag te stellen. Het werd dusdanig tijd om dat zootje papier eens deftig onder de loep te houden.

Ik scrolde met mijn ogen naar beneden over de codes en dansende cijfers, geen solden maar saldo’s, tot ik het omkaderde bedrag van vijf cijfers en een komma zag. U mag raden waar de komma staat. Links ervan stond: TE BETALEN. De loep maakte het kwestieuze bedrag des te groter, waardoor ik me een hoedje schrok alsof ik door een sleutelgat piepte en iets vreselijks zag en achteroverviel. Hou jullie peep-verbeelding eventjes onder controle.

Het was een tijdje geleden dat ik dat onbehaaglijke, drukkende gevoel op de borstkas ervaren had. Acht kilo kat verdraag ik daarentegen wonderwel. IJsberen rond de tafel maakte het alleen maar erger. Ik draaide als een tol. Ja, ja, rol maar met de ogen. Teveel drama, duurt het té lang, teveel details? Zin om diagonaal te lezen?

Ik las de twee woorden: voorlopige berekening, die schuin over de pagina prijkten. Ze gaven me een beetje moed. Er zullen rekenfouten zijn. Er was een epidemie van dyscalculie, dat!

De onwetendheid begon aan mij te vreten. Jezelf uit dat harnas van onrust bevrijden is geen sinecure, want je wentelen in zelfbeklag is zoveel makkelijker en zelfkastijding kan deugd doen.

De twee jonge meisjes bij de dienst belastingen gaf ik het voordeel van de twijfel en ik luisterde naar hun toelichting van twee minuten. Het blijft een vreemd gegeven dat je meer vertrouwen hebt in ietwat ouder personeel, terwijl de jongere generaties ook wel van wanten weten. U zal het moeten betalen, mevrouw. Snotneuzen!

De volgende stap was te rade gaan bij de maatschappelijk werkster. Zij slaagde er alweer in om me alles op een duidelijke, menselijke manier uit te leggen. Hoera voor haar! Dat neemt niet weg dat ik nog steeds de portefeuille van Johan Van Overtveldt zal moeten spekken, maar nu berust ik erin.